Kri­tische vra­gen-stel­ler is my mid­dle name

22 feb 2022

Niet meer dan logisch

Van de week kreeg ik tot twee keer toe te horen dat ik zulke goeie, scherpe vragen stel. Ik vond dat een mooi compliment, maar voor mij is dat niet meer dan logisch. Als ik dat niet zou kunnen, zou ik namelijk niet mijn werk naar behoren kunnen doen. Als dagvoorzitter moet je je sprekers aan de tand kunnen voelen als de bijeenkomst daarom vraagt. Als adviseur moet je je klant middels de juiste vragen naar een inzicht kunnen brengen (dat werkt beter dan zelf het antwoord geven). En als tekstschrijver moet je te weten komen voor wie precies je schrijft en met welk doel.

 

De kern van een verhaal

Kritische vragen, daar hou ik van. Vragen die de vinger op de zere plek leggen. Daar ligt namelijk de crux, en als je die hebt, ben je bij de kern van een verhaal. Soms moet het een beetje schuren, je moet namelijk eerst ergens doorheen breken. Dat maakt je in eerste instantie niet populair, maar het brengt de situatie uiteindelijk wel verder. Daarnaast weet een ander zo altijd wat diegene aan mij heeft. Ik ben transparant, ik houd niets achter. Met een gezonde dosis humor zorg ik ervoor dat ik daar de relatie niet mee schaad. Het laatste wat ik namelijk wil, is een verbroken relatie.

 

Een serieuze zaak

Een leerling die alleen maar braaf studeerde ben ik nooit geweest. Op de middelbare school al dacht ik graag op beleidsniveau mee. Waar de leerlingenraad voor de meeste leden een vrij-af voor de les leek te zijn, was het voor mij een serieuze zaak. Hier kon ik invloed uitoefenen, hier kon ik mijn gezichtspunt van leerling inbrengen, hier mocht ik meedenken over dingen waar menig ander maar weinig tot niets van meekreeg. Dat vond – en vind – ik interessant.

 

Studeren met een functiebeperking

Op de Universiteit van Amsterdam stond het studeren zelf voor mij zelfs op het tweede plan. Tuurlijk, ik zorgde dat ik mijn werk altijd ruim voor de deadline inleverde, maar ook hier dacht ik liever op beleidsniveau mee. Al aan het begin van mijn studie werd ik gevraagd voor een toen nog op te richten universiteitsbrede Student Disability Platform. Samen met een paar andere studenten met een functiebeperking adviseerde ik de universiteit over studeren met een functiebeperking. In die hoedanigheid had ik weleens een gesprek met leden van het college van bestuur, mocht ik de minister van onderwijs mede ontvangen en was ik een van de weinigen die de eerste tekeningen voor een nieuw universiteitskwartier mocht zien (‘hoe kom je met een rolstoel op die verdieping?’).

 

Van alles en nog wat

Maar ik heb nog veel meer gedaan op de UvA. Ik was lid van de Opleidingscommissie bij Frans, ik stond op de kandidatenlijst voor de facultaire studentenpartij Trots op FGw (ToF) en ik werd als student gehoord door de visitatie ter heraccreditatie van de opleiding én de universiteit als geheel. Bij de ene club kon ik moeiteloos mijn zorgen uiten, bij andere medewerkers stelde ik kritische vragen en bij weer andere vertegenwoordigers wist ik dat ik behendig te werk moest gaan: ik wilde de universiteit niet voor schut zetten, maar ik bleef ook trouw aan mezelf en mijn eigen, kritische blik. Ook dat laatste werd uiteindelijk gewaardeerd.

 

De échte angel

Ook als burger wil ik niet zomaar leven en laten leven. Ik wil ervoor zorgen dat anderen net zo’n leven kunnen leiden als elk ander. Dat je kunt dromen, en die dromen vervolgens waar kunt maken. Te veel mensen kunnen dat nu niet. Omdat ze te weinig geld krijgen als ze een uitkering hebben en daar niet zomaar mee bij kunnen verdienen. Omdat de samenleving voor hen te ingewikkeld is of andere te hoge drempels kent. Of simpelweg omdat anderen hun niet diezelfde kansen gunnen. Daar maak ik mij zorgen om, dat wil ik veranderen. Daarom heb ik mij kandidaat gesteld voor de gemeenteraad. Met kritische vragen hoop ik dan te zien waar de échte angel zit. Dan pas weet je wat je te doen staat.

meer berichten

De nood­zaak van ba­sis­mo­de­ra­tie

De nood­zaak van ba­sis­mo­de­ra­tie

Wie denkt dat het presenteren van een bijeenkomst een peulenschil is, heeft het mis. Tenminste, als je een écht goede bijeenkomst wil. Daar kwam ik laatst achter tijdens een workshop dagvoorzitter. Een blog over basismoderatie en het onderbreken van de spreker.  ...

‘Goh, wat knap!’

‘Goh, wat knap!’

Van de week had ik weer zo'n dag. Voortdurend werd ik geconfronteerd met mijn handicap en dat ik daarmee anders ben dan anderen. Zonder dat ik dat zelf nou wil, in tegendeel, word ik daarmee in een hokje geplaatst. Ik weiger dat te accepteren, maar misschien is mijn...

Eerst het beeld, dan de dis­cus­sie

Eerst het beeld, dan de dis­cus­sie

In een interview ga je het liefst van concreet naar abstract. Dat voelt op het eerste oog een beetje onnatuurlijk. Je wilt namelijk eerst begrijpen wat, zeg, het stikstofprobleem ongeveer inhoudt voordat je een boer spreekt die daarmee te maken heeft. Dan kan je het...