Een e­ve­ne­ment met zon­der o­ver­prik­ke­ling

11 jul 2022

Ik heb een milde vorm van cerebrale parese. Een van de uitingen daarvan is dat ik weleens overprikkeld kan raken. Een grote groep door elkaar heen pratende mensen is bijvoorbeeld niet fijn. Maar waarom sta ik dan graag voor een groot publiek? Een blog over hoe verschillende situaties kan leiden tot verschillende ervaringen.

 

Niet reserveren

Als je zelf een hersenbeschadiging hebt, herken je het vast: een volle ruimte waarin alle geluiden je teveel worden. Dat is precies waarom ik niet graag naar de kroeg of naar een club ga. Het kost mij zoveel energie om de mensen met wie ik ben in die geluidenmassa te verstaan, dat dit soort situaties mij meer energie kost dan oplevert. Ik zie je dan letterlijk door de bomen het bos niet meer. Laat staan dat ik de hele avond moet staan. Ergens is dat ook wel jammer, aangezien er artiesten zijn die ik graag eens live wil zien en die alleen op dit soort gelegenheden komen. Tuurlijk, er zijn wel poppodia waar je ook kunt zitten, maar deze zitplaatsen kun je niet reserveren. Zorgeloos is het dan nog steeds niet. En als het geluid en het licht knetterhard staan drinken alleen maar geserveerd wordt in plastic bekers, is de chaos compleet.

 

Structuur

Nee, liever ga ik naar het theater. Hier is het duidelijk wanneer het begint, heeft iedereen een vaste plek, is het duidelijk hoe lang het duurt, en kan ik mijn drankje meenemen doordat dit nog in het flesje zit. Het is deze structuur die ik in de kroeg of in de club mis. Doordat tijdens de voorstelling het publiek stil is en het duidelijk is wie het woord heeft, hoef ik mij niet te veel te concentreren om te horen wat er gezegd wordt, maar kan ik lekker achteroverleunen en genieten van wat er op het podium gebeurd. En toch zou ik best eens Froukje of WIES willen horen in Paradiso. Dat hoeft helemaal niet zo moeilijk te zijn. Geef aan mensen met een beperking de mogelijkheid om een zitplaats te reserveren, serveer de drankjes in een flesje met een rietje, en ik heb het kaartje al geboekt.

 

Observator

Hetzelfde geldt voor congressen. Als deelnemer kan ik mij nog weleens overweldigd voelen door de hoeveelheid mensen die aanwezig zijn. Je komt er alleen aan, en moet dus nog onderzoeken met wie je een gesprek aan kan gaan. Ik heb dit vooral bij een borrel. Hier praat iedereen door elkaar heen, en doordat men in groepjes praat, heb ik erg veel moeite het gesprek te volgen. Ben ik daarentegen de dagvoorzitter, dan weet ik wat er gaat gebeuren en heb ik meer overzicht, waardoor de dag mij minder overvalt. Mijn rol tijdens een borrel is dan ook duidelijker. Ik ben de observator, mensen spreken mij aan om mij te complimenteren, of ik heb met iemand nog iets na te bespreken.

 

Akoestiek

Wanneer je geen last hebt van overprikkeling, sta je er niet zo snel bij stil dat een volle ruimte met mensen overweldigend kan zijn. Wil je een toegankelijk evenement, dan is het wel handig om hier over na te denken. Hoe is de akoestiek van de ruimte, is er overal voldoende zitgelegenheid, hoe zorg ik ervoor dat mensen met elkaar in gesprek gaan, heb ik de mogelijkheid tot een rustruimte: allemaal vragen die ervoor zorgen dat iemand met een hersenbeschadiging wel of niet op je evenement komt. Belangrijk is hierbij ook dat je op de website vermeldt wat er wel en niet mogelijk is wat betreft toegankelijkheid. Het voor iedereen helemaal comfortabel maken van een evenement is niet mogelijk. Maar door iets meer rekening met mensen met een hersenbeschadiging te houden, zorg je ervoor dat iedereen kan genieten van wat jij organiseert.

meer berichten

De nood­zaak van ba­sis­mo­de­ra­tie

De nood­zaak van ba­sis­mo­de­ra­tie

Wie denkt dat het presenteren van een bijeenkomst een peulenschil is, heeft het mis. Tenminste, als je een écht goede bijeenkomst wil. Daar kwam ik laatst achter tijdens een workshop dagvoorzitter. Een blog over basismoderatie en het onderbreken van de spreker.  ...

‘Goh, wat knap!’

‘Goh, wat knap!’

Van de week had ik weer zo'n dag. Voortdurend werd ik geconfronteerd met mijn handicap en dat ik daarmee anders ben dan anderen. Zonder dat ik dat zelf nou wil, in tegendeel, word ik daarmee in een hokje geplaatst. Ik weiger dat te accepteren, maar misschien is mijn...

Eerst het beeld, dan de dis­cus­sie

Eerst het beeld, dan de dis­cus­sie

In een interview ga je het liefst van concreet naar abstract. Dat voelt op het eerste oog een beetje onnatuurlijk. Je wilt namelijk eerst begrijpen wat, zeg, het stikstofprobleem ongeveer inhoudt voordat je een boer spreekt die daarmee te maken heeft. Dan kan je het...